Bel ons:

De enkelvoudige zin

De enkelvoudige zin: wat is dat?

Om foutloos te schrijven moet je grammaticale zinnen kunnen bouwen. Dat begint met de enkelvoudige zin. In dit artikel leggen we uit wat dat is.

Zinsontleding kan je helpen je taalbeheersing een impuls te geven. Wij besteden aandacht aan twee vormen van zinsontleding: redekundig en taalkundig. In dit artikel staat de enkelvoudige zin centraal.

De enkelvoudige zin

De enkelvoudige zin is een zin waar maar één zinsdeel in voorkomt dat de tijd aanduidt. 1 Dat is de persoonsvorm.

  • We lopen maar door.
  • We gaan naar huis toe.

Over het algemeen kun je stellen dat dit type zin bestaat uit een verbinding van een onderwerp en een gezegde. 2 Zinnen in de gebiedende wijs bevatten echter geen onderwerp.

  • Loop maar door.
  • Ga naar huis.
  • Geniet ervan!

Hoewel het vaak om kortere zinnen gaat, is dat niet noodzakelijk.

  • De hond besnuffelt een hoopje herfstbladeren op de regenachtige stoep.

Hoe herken je de enkelvoudige zin?

Een enkelvoudige zin is altijd een hoofdzin. 3 Hij begint dus met een hoofdletter en eindigt met een punt. Het omgekeerde kun je overigens niet zeggen, want een hoofdzin kan uit meerdere zinnen bestaan.

Een hoofdzin wordt ook wel een zelfstandige zin genoemd, omdat hij niet fungeert als zinsdeel in een andere zin. 4 Bovendien is hij niet afhankelijk van een andere zin om op een coherente, grammaticaal correcte manier informatie uit te drukken.

Woordvolgorde

In een enkelvoudige zin staan het onderwerp en de persoonsvorm vaak vooraan.

  • Niama staarde gisteren lusteloos voor zich uit.

Soms gaat er een ander zinsdeel aan vooraf, bijvoorbeeld een bijwoordelijke bepaling. Als dat het geval is, veranderen onderwerp en persoonsvorm van positie. Dat verschijnsel heet inversie.

  • Lusteloos staarde Niama gisteren voor zich uit.
  • Gisteren staarde Niama lusteloos voor zich uit.

Bouw jij grammaticale zinnen?

De enkelvoudige zin is de meest basale zinsconstructie. Hoewel het vaak geen moeite kost om dit type zin te herkennen, is het belangrijk om helder voor ogen te hebben wat het inhoudt.

Bronnen

  1. Klein, M. en Toorn, M.C. van den (2011). Praktische cursus zinsontleding. Groningen: Noordhoff Uitgevers, p. 9. ↩︎
  2. Algemene Nederlandse Spraakkunst (2021). ‘19.2.1 Inleiding‘. E-ans.ivdnt.org, geraadpleegd op 23 februari 2024. ↩︎
  3. Onze Taal (z.d.). ‘Wat wordt bedoeld met nevenschikking en onderschikking?‘. Onzetaal.nl/taalloket, geraadpleegd op 23 februari 2024. ↩︎
  4. Taalunie (z.d.). ‘Hoofdzin‘. Taaladvies.net, geraadpleegd op 23 februari 2024. ↩︎

Zakelijk leren schrijven?

De Schrijftrainers helpt jou je schrijfvaardigheden te verbeteren. Neem contact op voor een offerte op maat.

×